Hypospadiecorrectie
Op deze pagina
Doel
Hypospadie
Tijdens de embryologische ontwikkeling ontstaat het plaskanaal eerst als een ‘vlakke plaat’ (urethrale plaat). Geleidelijk groeit dit dicht tot een buis van de balzak naar de eikel. Tegelijk ontstaat er een kromming van de penis naar beneden, die normaal volledig verdwijnt als de penis recht groeit.
Bij hypospadie is deze ontwikkeling niet volledig doorlopen. Een deel van het plaskanaal blijft open, waardoor de plasopening niet op de top van de eikel ligt, maar aan de onderzijde van de penis.
Daarnaast zijn de eikel en voorhuid niet volledig gesloten. Dit kan leiden tot:
Een tekort aan voorhuid aan de onderzijde en een overschot aan de bovenzijde
Een kromming van de penis naar beneden door bindweefselstrengen onder de huid (chordae)
Redenen voor behandeling
Een behandeling van hypospadie kan om verschillende redenen overwogen worden:
Staand plassen wordt makkelijker als de opening op de top van de penis ligt en de penis recht is.
Een zaadlozing langs de top van de penis is beter voor de vruchtbaarheid.
Het esthetisch aspect: een normale uitstraling van de penis kan psychologisch belangrijk zijn.
Soms zijn de afwijkingen minimaal en minder opvallend. Over het algemeen wordt een behandeling aangeraden vóór de leeftijd van 2,5 jaar. Dit heeft te maken met:
de eerste herinneringen die ontstaan rond die leeftijd
het begin van zindelijkheidstraining en een grotere genitale gewaarwording
Voorbereiding
Hou voor de ingreep rekening met het volgende:
Medicatiegebruik
Meld tijdens de voorbereiding altijd als je bloedverdunners gebruikt (zoals Asaflow®, Plavix®, Marcoumar®, Sintrom®, Pradaxa®, Rivaroxaban®, …). Deze verhogen het bloedingsrisico tijdens en na de operatie. Je arts bespreekt wanneer je moet stoppen.
Glucophage®, Metformine® of Methformax® stop je 24–48 uur vooraf.
MAO-remmers zoals Aurorix® en Nardelzine® stop je 2–3 weken op voorhand.Medicatie voor hart- en vaatziekten, bloeddruk, longaandoeningen (puffs), schildklier en epilepsie blijf je nemen, ook op de ochtend van de ingreep met een klein slokje water.
Lees altijd de bijsluiter en overleg met je arts voor eventuele alternatieven
Allergieën
- Het is cruciaal dat je de behandelend arts en het verpleegkundig team informeert over eventuele allergieën, zodat ze de nodige voorzorgsmaatregelen kunnen nemen. Dit kan bijvoorbeeld gaan om een latexallergie, contrastallergie of een allergie voor bepaalde medicijnen of producten.
Preoperatieve onderzoeken
- Als je al gezondheidsproblemen hebt of ouder bent dan 50 jaar, zijn preoperatieve onderzoeken zeer belangrijk. Meestal gaat het om een bloedonderzoek en een elektrocardiogram. Je kan deze onderzoeken laten uitvoeren bij je huisarts of via de Preoperatieve Consultaties in het AZ Jan Portaels. Kies je voor de Preoperatieve Consultaties, maak dan op tijd een afspraak.
Voeding
Opname
De ziekenhuisopname duurt voor deze ingreep meestal tot 48 uur.
ChatGPT zei:
Nazorg
Na de ingreep
- Na afloop wordt de patiënt in de ontwaakzaal of recoveryruimte van het Operatiekwartier opgevolgd. Indien de patiënt minderjarig is, mag een van beide ouders opnieuw aanwezig zijn van zodra hij naar de ontwaakzaal of recoveryruimte van het Operatiekwartier gebracht wordt.
- Een degelijke fixatie van de sonde en verband is belangrijk. Controleer of laat dit meermaals per dag controleren. Bij loslating mag extra kleefband aangebracht worden. Maak de sonde of het verband zeker niet verder los zonder toelating van de arts.
Ontslag
Meestal verlaat je het ziekenhuis dezelfde dag als de ingreep, soms nog met een blaassonde. Er bestaan verschillende opvang- of afsluitsystemen voor blaassondes; meestal wordt een katheterventiel gebruikt. Het zorgteam legt uit hoe dit werkt. De arts vult de nodige attesten in, schrijft medicatie voor en geeft een brief voor je huisarts mee. Zodra de administratie geregeld is en de arts je medisch ontslagklaar heeft verklaard, mag je het ziekenhuis verlaten.
Terug naar huis
De wonde wordt meestal gehecht met oplosbare hechtingen. Het is belangrijk om de wond dagelijks te controleren nadat het verband en de sonde verwijderd zijn. Bij problemen neem je meteen contact op met de arts.
Sporten, inclusief zwemmen, wordt afgeraden tot minstens drie weken na de ingreep. Kinderen kunnen meestal ongeveer een week na de operatie weer naar school.
Wanneer een arts contacteren?
Contacteer een arts wanneer urineren moeilijk verloopt, bij een verstopping van de sonde, wanneer het verband loslaat, bij koorts boven 38° C, bij bloeden of toenemende pijn.
Aandachtspunten
Bij elke chirurgische ingreep bestaat het risico op mogelijke complicaties. De arts heeft deze reeds met u vooraf besproken. Mocht u hierover nog vragen hebben, aarzel dan niet deze te stellen.
Wondproblemen
Soms kunnen er wondgenezingsproblemen optreden, waardoor een extra ingreep nodig is. Dit kan leiden tot:
Esthetisch storende of gevoelige littekens (hypertrofische littekens of keloïden)
Pigmentveranderingen
Een zijdelingse opening in het nieuwe plaskanaal (fistel)
Losraken van de eikelhechting
Krimp of vernauwing
Het litteken kan krimpen, vooral als de voorhuid niet volledig is verwijderd. Dit kan een vernauwing van de plasopening veroorzaken, waardoor een aanvullende ingreep nodig kan zijn. Essentiële problemen met weefselverlies komen zeer zelden voor.
Zwelling en bloedingen
Een lokale zwelling is normaal en verdwijnt na enkele dagen.
Zeer zelden kan een blauwe plek (hematoom) ontstaan die via een kleine insnede gedraineerd moet worden.
Kleine bloedingen in de dagen na de operatie kunnen met een kompres worden gestopt; lukt dit niet, neem dan contact op met je arts.
Plasproblemen
Direct na het verwijderen van de blaassonde kan plassen irritatie geven. Blijvende problemen moeten door de behandelend uroloog worden bekeken.
Pijn
Pijn is meestal matig en kan enkele dagen tot een week met medicatie worden verlicht.
Infectiegevaar
Wond- of urineweginfecties kunnen de genezing vertragen. Het risico is laag, vooral als er vooraf geen infectie was. Een antibioticakuur lost meestal het probleem op. Zeldzaam kan een luchtweginfectie optreden.
Overige reacties
De gevoeligheid van de eikel kan tijdelijk toenemen, maar verdwijnt meestal vanzelf.
Allergische reacties of overgevoeligheid voor medicatie, pijnstillers, verdovingsmiddelen, ontsmettingsmiddelen of latex kunnen tijdelijke symptomen veroorzaken zoals zwelling, jeuk, huiduitslag, niezen, duizeligheid of braken.
Bijkomende ingrepen
Soms zijn extra handelingen nodig om onverwachte problemen tijdens de operatie te corrigeren. Daarom wordt je toestemming gevraagd om, indien nodig, aanvullende acties uit te voeren.
Vragen
Bovenstaande informatie betreft een algemene voorlichting en is bedoeld als extra informatie naast de gesprekken met de behandelend uroloog. Bijzondere omstandigheden kunnen tot wijzigingen aanleiding geven. Dit zal altijd door de uroloog kenbaar worden gemaakt. Mocht je hierna nog vragen hebben, stel ze dan gerust aan de arts of aan het zorgteam.